Kyohfuh-akita.jouwweb.nl
Home » Rasstandaard Akita

Rasstandaard Akita

                         

        
  • SHIKA (鹿): Japanese name meaning "deer." 
  • [ Roepnaam Lhaska ] AKIRA   昭, 明, 亮   m & f   Japanese
    From Japanese  "
    bright",  "bright" or  "clear".
  • ETSUKO (悦子): Japanese name meaning "joyful child."
  • Banshiro 小林 Kobayashi (little grove) 雄大 Masahiro (big hero)   ( De Witte Begeleider )

 

 

 De Akita Inu

Schofthoogte: Reu 64 - 70 cm. Teef 58 - 64 cm. 
Gewicht: 34 - 50 kg 
Leeftijd: 10 - 12 jr. 

De Akita Inu stamt uit de 17e eeuw en is afkomstig uit Japan.
Daar wordt hij sinds 1931 erkend als officieel Japans nationaal bezit. 
In de 17e eeuw werd de Akita Inu ingezet voor de berenjacht.
Al gauw bleek dat de Akita Inu meerdere kwaliteiten had, zoals jacht-, waak- en blindengeleidehond.

De Akita Inu is een dominante hond met een eigen mening.
Vanwege zijn jachtinstinct is het niet verstandig om de Akita Inu los te laten lopen.
Het is ook niet verstandig om door kinderen uitgelaten te worden, dit omdat het een zeer sterke hond is. 
Ziet de Akita Inu bijvoorbeeld een prooi, dan kunnen kinderen de hond nooit houden.
Voor het gezin is de Akita Inu een goede waakhond en hij is trouw. 

De vacht van de Akita Inu heeft weinig verzorging nodig, vanwege zijn harde bovenvacht.
Een belangrijk aandachtspunt bij de aanschaf.


Akita-Inu standaard
Algemene verschijning en kenmerken:
Hond van grote afmeting. Krachtig gebouwd.
Goed gevormd en met veel substantie. 
Een gedrongen uiterlijk en robuuste bouw. 
De schofthoogte in verhouding tot de lengte van het lichaam is 10:11. 
Hij is gehoorzaam en schrander met een ongekunstelde uitdrukking gecombineerd met adel en waardigheid.

Afmetingen:
De reuen 67 cm, en de teven 61 cm met voor beiden een afwijking naar boven of beneden van 3 cm.

Gewicht:
In Japan werd in 1969 een reu van 66.7 cm schofthoogte met een gewicht van 45 kg als ideaal gezien.
Tegenwoordig wordt een gewicht van 30-35 kg als ideaal gezien.

Kop:
De schedel omvangrijk en vlak: het voorhoofd breed, met een goed aangegeven stop en een vloeiende 
rimpel zichtbaar op het voorhoofd (opm.: verticale rimpel, in Japan het kenmerk van de echte Akita).
Wangen matig ontwikkeld. Snuit van matige lengte en sterk.
De neusrug recht met een omvangrijke zwarte neus, vleeskleurig is toegestaan voor witte exemplaren.
Lippen gesloten. Krachtig schaargebit.

Ogen:
Relatief klein, licht driehoekig, goed van elkaar gescheiden.
Donkerbruin van kleur. De donkere kleur is het meest wenselijk.

Oren:
Relatief klein, dik en driehoekig, licht schuin naar voren en stevig rechtop, gescheiden door een brede afstand.
Licht afgerond aan de punten.

Nek:
Dik en gespierd, in verhouding tot de kop.

Lichaam:
De schoft is hoog, de rug recht en kort. lendenen lang en gespierd. 
Borst diep en borstbeen goed ontwikkeld.
Matig gewelfde ribben en de buik goed opgetrokken.

Staart:
zijn.Hoog aangezet. dik en stevig opgerold gedragen op de rug.
Het einde neergezakt reikt tot aan het hielbeen.
Krul naar rechts, links of dubbel gerold. De staart moet altijd gerold 

Voeten:
Dik, rond en gesloten. Nagels hard, de kleur zo donker mogelijk.

Voor- en Achterhand:
Schouders matig schuin en ontwikkeld. Voorpoten recht, met zwaar beender gestel.
Ellebogen tegen het lichaam aangesloten en de middenvoeten licht schuin.
Dijen lang en onderbenen kort.
De hielbenen moeten sterk en taai zijn.

Gangwerk:
Men streeft naar veerkracht en arbeidsvermogen.

Vacht:
Het haar ruw en recht en het onderhaar zacht en dicht.
De haren op de staart iets langer.
In de regel verliest de Akita-Inu zijn vacht twee maal per jaar.

Kleur:
Rood-wit, wit, sesam en gestroomd. Alle variaties behalve de witte moeten het `urajiro` patroon tonen.
Het `urajio` patroon kenmerkt zich door de witte aftekeningen op wangen, onderkant kaak, hals, borst
buik, staart en aan de binnen kant van de poten en langs de voorsnuit.

Gezondheid:
Er zijn geen ernstige gezondheid problemen bekent bij de Akita-Inu.
De dieren waar men mee fokt worden onderzocht op erfelijke afwijkingen zoals Heupdysplasie en 
erfelijke oog afwijkingen.

Aard van een Akita-Inu:
De Akita-Inu is een rustige en waardige hond maar laat niet met zich sollen.
Hij kan volgzaam zijn maar niet slaafs. 
Mits goed opgevoed kan hij zelfs waaks zijn en afstandelijk tegen over vreemden.
De Akita-Inu is zeer zeker geen hond om mee te beginnen u moet consequent zijn en u als een baas gedragen 
(niet als eigenaar en met een harde hand bereikt u niets bij een Akita-Inu).
De Akita-Inu kiest tot op zekere hoogte zelf zijn baas uit de roedel van het gezin waar hij in terecht komt.
De Akita-Inu kan goed met kinderen omgaan (maar laat kinderen en honden nooit alleen je weet nooit wat
het kind bij de hond kan doen).
De omgang met andere honden kan nog wel eens een probleem opleveren omdat de Akita-Inu ze benaderd
op een natuurlijke wijze en daarmee direct zijn wil oplegt.

Fouten:
Diskwalificerend: monarchide, cryptorchide, hangende oren, hangende staart, korte staart.

Zware fouten: angstig type, extreme boven- of onder�bijter, lange staart, lange vacht (borstelig).

Lichte fouten: tanggebit, onregelmatige plaatsing van de tanden, lichte boven of onderbijter, 

kleur van de neus past niet bij de vacht, tong zwart gevlekt, ronde ogen, lichte ogen, korte vacht.